Ameland - Waddendiamant

Met deze slogan pleegt Ameland zich graag te afficheren, daarmee suggererend dat het de andere Waddeneilanden naar de kroon steekt. In hoeverre dat waar is hangt maar af van hoe je het bekijkt. Jongeren zullen bijvoorbeeld Texel of Terschelling prefereren, omdat de stranden daar net zo mooi zijn als op Ameland, maar het uitgaansleven er toch beduidend meer te bieden heeft. Terwijl de echte rustzoekers Ameland al te druk vinden en liever naar de (bijna) autoloze eilanden Vlieland of Schiermonnikoog zullen gaan. 

Ameland zit eigenlijk precies tussen die twee uitersten in en misschien is dat juist de charme van het eiland. Het is kleiner en overzichtelijker dan Texel of Terschelling, maar groot genoeg voor vier dorpjes, elk met zijn eigen karakter, die voor meer afwisseling zorgen dan Schiermonnikoog en Vlieland kunnen bieden. Daar ben je wel erg snel uitgekeken op de paar bars en restaurants in het enige plaatsje van het eiland.

Auto's van bezoekers worden weliswaar toegelaten op Ameland, maar het verkeer is er toch veel minder druk dan bijvoorbeeld op Texel, waar ze zelfs verkeerslichten hebben. De meeste vakantiegasten gebruiken de auto nauwelijks tussen hun aankomst en hun vertrek en verplaatsen zich per fiets zodat Ameland, net als de kleinere eilanden met een restrictief autobeleid, toch ook een echt fietseiland is. 

Als kleinste van de grote, of als grootste van de kleine Waddeneilanden biedt Ameland dus het beste van beide. Plus natuurlijk de zon, de zee, het strand en het wad die ook hier ruimschoots voorhanden zijn.

Ameland
Marken
Neeltje Jans
Noordereiland
Noord-Beveland
Pampus
Schiermonnikoog
Schokland
Sint Philipsland
Terschelling
Texel
Tholen
Tiengemeten
Urk
Vlieland
Walcheren
Wieringen
Zuid-Beveland

Help
Links
Gastenboek




'Eiland voor halve dagen'

Geologisch gezien verschilt Ameland niet van de andere eilanden in het Waddengebied, waarvan de ontstaansgeschiedenis teruggaat tot in het Holoceen. Deze periode eindigde 5.000 jaar v.Chr., zodat dit gebied kan worden beschouwd als tamelijk jong.

Hoewel, jong is een relatief begrip, dat hier vooral van toepassing is op de bovenste aardlagen die het huidige aanzien van het eiland bepalen en die voornamelijk gevormd zijn onder invloed van wind en water. Maar een van de meest opvallende aspecten van het tegenwoordige Ameland is de winning van aardgas op en rond het eiland. Dat gas zit zo'n 3.000 meter diep, in aardlagen die honderden miljoenen jaren oud zijn. Zo jong is het hier dus ook weer niet. Maar ja, hoe diep moet je - letterlijk en figuurlijk - dan gaan?

Het eiland zoals we dat nu kennen moet ontstaan zijn grofweg tussen het begin van onze jaartelling en de 13e eeuw. Wanneer precies en hoe is niet meer na te gaan, omdat er nauwelijks gegevens over deze periode bewaard gebleven zijn. Zeker is wel dat het eiland er niet zomaar opeens was, maar dat de vorming een langdurig proces is geweest dat zich over verscheidene eeuwen heeft afgespeeld. Zware stormen in combinatie met een geleidelijke stijging van de zeespiegel sloegen op diverse plaatsen bressen in de strandwal langs de Noordzeekust, waardoor de zee het achterland binnen kon stromen. Naarmate dit vaker gebeurde werd steeds meer land achter de strandwal door het water weggeslagen, zodat uiteindelijk ontstond wat we nu de Waddenzee noemen en waardoor de restanten van de strandwal eilanden werden.

In feite is dit proces nog steeds aan de gang. De Waddenzee is een uniek getijdengebied waarvan grote delen tweemaal per etmaal droogvallen. Je kunt dan ook bij laagtij over het wad van het vasteland naar Ameland lopen (en omgekeerd), een tocht die jaarlijks door enkele tienduizenden Nederlanders ondernomen wordt. Eigenlijk zou je Ameland daarom alleen bij hoog water een eiland mogen noemen, een soort 'eiland voor halve dagen' dus.

Ameland -
enkele cijfers


Lengte 25 km, 
max. breedte 4 km, oppervlakte 57,5 km², hoogste punt (Oerdblinkert) +24 m NAP,
 inwoners: 3.500.

Kenmerkend voor het Waddengebied is de enorme dynamiek. Onder invloed van wind en water verandert het gebied voortdurend. Zandplaten ontstaan en verdwijnen weer en stroomgeulen kunnen plotseling van plaats veranderen. Een fraai voorbeeld van die dynamiek vinden we op Ameland in het Bornrif, aan de noordkust van het eiland tussen de dorpen Hollum en Ballum. Hier heeft zich in een paar jaar tijd vóór de kust een nieuw zandrif gevormd. Het wordt gescheiden van het strand door een trog met zulke sterke getijdenstromingen dat ter plaatse baden in zee te gevaarlijk, en daarom verboden is. Het rif verplaatst zich constant naar het oosten en deskundigen verwachten dat het rond 2010 één geheel zal vormen met de Amelander kust, waarna tussen 2030 en 2040 weer een periode van nieuwe rifvorming zal aanbreken.

Een ander aspect van die dynamiek is het feit dat Ameland - net als de andere Waddeneilanden - onder invloed van de hier overheersende westenwinden en de daarmee samenhangende zeestromingen de neiging heeft om zich in oostelijke richting te verplaatsen. Aan de westpunt vindt voortdurend kustafslag plaats, terwijl aan de oostpunt het eiland door de toevoer van zand juist aangroeit. Als gevolg van dit proces werd in de 18e eeuw het dorpje Sier, dat westelijk van Hollum lag, door de zee verzwolgen. Om te voorkomen dat ook Hollum uiteindelijk hetzelfde lot beschoren is worden er sinds de 19e eeuw kustverdedigingsmaatregelen genomen om die erosie tegen te gaan. 

Klik om te vergroten
Ameland in de 'Digitale Maquette van Nederland' van TerraDesk (klik op de afbeelding om te vergroten)




Mensen op Ameland

Aangenomen wordt dat er al tegen het einde van de 8e eeuw mensen woonden in het gebied dat het huidige Ameland omvat, maar overtuigend bewijs daarvan is nooit gevonden. Zo zou er volgens de overlevering op de plaats van de hervormde kerk in Hollum al in de jaren 800 een kerkje hebben gestaan, maar bij recente restauratiewerkzaamheden is daar niets van gebleken. Wel werden toen de fundamenten van een kerk uit de 12e eeuw aangetroffen. De oudste schriftelijke vermelding van Ameland dateert uit de 9e eeuw; in een document betreffende de bezittingen van een klooster in Fulda in Duitsland wordt gesproken over het "insula que dictur Ambla" (eiland dat Ameland wordt genoemd).

Vanaf ca. 1300 is er meer bekend over Ameland en haar bewoners. Uit documenten blijkt dat het eiland, net als Terschelling, eeuwenlang inzet was van de machtsstrijd tussen Holland en Friesland. Ameland was echter van minder strategisch belang dan Terschelling, omdat het niet direct aan de belangrijke vaarroute naar de Zuiderzee lag en een natuurlijke beschutte haven ontbeerde. 

Tussen 1400 en 1700 werd Ameland ruim twee eeuwen lang bestuurd door de uit de Friese adel afkomstige familie Cammingha. Zij bouwden een slot bij Ballum, op de plaats waar nu het gemeentehuis staat. De eilanders probeerden zoveel mogelijk buiten de politieke conflicten van hun dagen te blijven door een neutrale koers te varen en dat lukte vrij aardig. Ook tijdens de Tachtigjarige Oorlog, de door Holland geleide opstand tegen de Spanjaarden gedurende de 16e en 17e eeuw, was Ameland neutraal. Het geweld ging daarom grotendeels aan het eiland voorbij en in feite was Ameland een soort onafhankelijk ministaatje. 

Nadat in 1681 de laatste Cammingha gestorven was werd het eiland in 1704 voor een bedrag van € 77.000 verkocht aan Johan Willem Friso van Oranje Nassau, de erfstadhouder van Friesland. Daarmee werd Ameland privé-bezit van de Oranjes. Voor de eilanders, een bevolking van boeren, zeelieden en strandjutters, maakte het allemaal niet veel uit; die bleven gewoon hun eigen boontjes doppen. Zij leefden van wat het land en de zee hen bracht, een karig, maar tamelijk vreedzaam bestaan. Aan de zelfstandigheid van Ameland kwam een eind in 1801. De ideeën van de Franse Revolutie waren overgeslagen naar Nederland en de macht van de Oranjes was gebroken. Ameland werd bij de provincie Friesland gevoegd en in 1813 werd het eiland formeel een gewone gemeente, met haar eigen burgemeester. 

In de 18e eeuw was er een kortstondige periode van betrekkelijke welvaart, toen de profijtelijke walvisjacht werd ontdekt. Net als op de buureilanden Terschelling en Schiermonnikoog trokken veel bewoners naar de ijzige arctische wateren om daar hun fortuin te zoeken. Zij die succesvol waren bouwden voor zichzelf de fraaie commandeurswoningen die we vandaag de dag nog in de vier dorpen kunnen zien staan, vooral in Hollum en Ballum, met op de gevels het jaar waarin ze gebouwd werden. Ook de walviskaken die op sommige plaatsen op het eiland als erfafscheiding werden neergezet herinneren aan deze tijd. 

Maar de walvisvaart was een hard en gevaarlijk beroep en het liep niet altijd even goed af. In 1877 viel de poolwinter zo snel en hevig in dat tientallen walvisvaarders in het poolijs vast kwamen te zitten. De meeste schepen overleefden dat niet en zonken. De bemanningen waren in deze barre omstandigheden ten dode opgeschreven. Dat het verhaal van deze ramp bewaard is gebleven is te danken aan de Amelander commandeur Hidde Dirksz. Kat, die aan een wisse dood wist te ontsnappen door met een handjevol bemanningsleden over het ijs helemaal naar Groenland te lopen en later een boek over de doorstane ontberingen te schrijven. Deze ramp maakte een einde aan de hoogtijdagen van de walvisvaart op Ameland en de armoede keerde terug.

Gelukkig duurde het niet lang voordat zich een nieuwe inkomstenbron aandiende, want begin 20e eeuw begon het toerisme naar de Waddeneilanden op gang te komen. Vandaag de dag bezoeken jaarlijks ongeveer een half miljoen toeristen het eiland en in het hoogseizoen groeit de bevolking van zo'n 3.500 tot rond de 50.000. Toch is het ook dan niet hinderlijk vol op het eiland; Ameland heeft ruimte genoeg!

De vlag van 
Ameland




De vlag van Ameland bestaat uit vier banen in afwisselend blauw en geel, met in de blauwe banen een maansikkel en in de gele drie schuinbalken. Deze elementen komen ook in het Amelander gemeentewapen voor. De herkomst is onduidelijk. Volgens sommige bronnen zou de maansikkel een verwijzing zijn naar de Kruistochten en zouden de schuinbalken de dorpen Hollum, Ballum en Nes voorstellen. Een andere verklaring komt voort uit de overlevering dat Amelanders ooit op het buureiland Terschelling balken stalen om een galg te bouwen. Op dit verhaal slaat het oude rijmpje:

"De Amelander schalken
stalen drie balken
's avonds in de maneschijn
dit zal dus hun wapen zijn".

 




Gaswinning

Een andere menselijke activiteit die zich in recente jaren ontwikkelde op Ameland is de gaswinning. Vanaf halverwege de 20e eeuw werden in de bodem van Noord-Nederland grote aardgasvelden ontdekt en in productie genomen. Ook het kwetsbare Waddengebied ontsnapte niet aan de aandacht van de zoekers naar gas. Seismologisch onderzoek in de jaren zestig toonde aan dat er inderdaad ook hier aardgas in de bodem zat. Maar de exploitatie van deze velden had geen hoge prioriteit omdat er elders, met name in het gigantische Slochteren-veld in Groningen, meer dan genoeg gas voorhanden was.

Dat veranderde na de oliecrisis van de jaren zeventig en de daarop volgende explosieve stijging van de energieprijzen, waardoor ook de exploitatie van kleinere gasvelden economisch interessant begon te worden. Na veel politiek gesteggel mocht de NAM (Nederlandse Aardolie Maatschappij) in 1986 het gasveld Ameland-Oost in productie nemen. De boorput en de daarbij behorende installaties en gebouwen liggen midden in het natuurgebied Het Oerd, maar zijn zodanig ingepast in het duinlandschap dat ze nauwelijks zichtbaar zijn.

Dat kan niet gezegd worden van de boorplatforms die vanaf 1987 voor de noordkust van Ameland zijn verschenen. Er zijn er momenteel (juni 2004) drie, waarmee gas wordt gewonnen uit een veld dat juist ten noorden van het eiland onder de Noordzeebodem ligt. De platforms torenen zo hoog boven het water en het eiland uit dat ze zelfs vanaf het wad zichtbaar zijn. Nergens anders in het Waddengebied is de gaswinning zo prominent zichtbaar als hier op Ameland.


Informatiebord van de NAM bij Buren

De vraag is of dat in de toekomst tot Ameland beperkt zal blijven. Want onderzoek heeft aangetoond dat zich ook onder de bodem van de Waddenzee zelf aanzienlijke gasreserves bevinden en de druk om die te exploiteren neemt steeds verder toe. Het gaat immers om miljarden euro's. Er zullen echter geen boorplatforms op het wad verschijnen, want dat is sinds 1993 verboden. Maar de hedendaagse technieken maken het mogelijk om door vanaf het vasteland schuin te boren toch gas te winnen uit de velden onder de Waddenzee.

Natuurbeschermers wijzen echter op het gevaar van bodemdaling door de exploitatie van gasvelden onder de Waddenzee. Sinds de gaswinning op Ameland-Oost begon in 1986 is ter plaatse al een bodemdaling van meer dan twintig centimeter gemeten. Dat heeft daar nog niet tot schade aan de natuur geleid, maar een vergelijkbare daling van het wad zou desastreus zijn voor het milieu. Het zou betekenen dat grote delen van de Waddenzee bij eb niet meer droog zouden vallen, met ingrijpende gevolgen voor met name de vogelstand.

Maar zoals gewoonlijk zijn er andere deskundigen die deze bezwaren niet delen. Zij gaan ervan uit dat een eventuele bodemdaling gecompenseerd zal worden door de aanvoer van nieuw zand vanaf de Noordzee. In hun visie staat de dynamiek van het gebied er garant voor dat de negatieve effecten van de gaswinning vanzelf tenietgedaan zullen worden, zoals dat hier al eeuwen gebeurt.

Het lijkt erop dat deze laatste groep deskundigen nu de overhand heeft. De door de regering ingestelde Commissie Meijer concludeerde in 2004 in haar eindrapport dat gaswinning onder de Waddenzee onder bepaalde voorwaarden verantwoord is. Tegenstanders worden gepaaid met extra miljoenen uit de opbrengst van de gaswinning, die zullen worden besteed aan bescherming van de natuur in het Waddengebied. Bijvoorbeeld voor de beëindiging van de mechanische kokkelvisserij, die veel schade veroorzaakt. Nog lang niet iedereen is overtuigd, dus het laatste woord is hier zeker nog niet over gesproken!

Heen en weer...

Om het gas dat op Ameland wordt gewonnen naar het vasteland te transporteren werd in 1986 een pijpleiding dwars door de Waddenzee aangelegd. Het grappige is dat er in de jaren '70 een gasleiding in omgekeerde richting, dus van het vasteland naar Ameland, werd aangelegd om de woningen van de eilanders te kunnen aansluiten op het landelijke gasnet. Er stroomt nu dus zowel gas naar als van Ameland!

 




Een rondje Ameland

Wie naar Ameland wil reizen heeft drie mogelijkheden: per boot, te voet of per vliegtuig. Inderdaad, ook per vliegtuig, want het eiland beschikt over een heus vliegveld, al is het dan maar van bescheiden omvang. Het ligt bij het dorp Ballum, vlak achter de duinen en dus dicht bij het strand. In de zomermaanden is het daarom een geliefde bestemming voor wie er met het vliegtuig eens een dagje op uit wil. Maar hoewel op een mooie zomerse dag het aantal vliegbewegingen gemakkelijk tot enkele tientallen kan oplopen komt de overgrote meerderheid van de bezoekers toch niet op deze manier naar Ameland.

Voor de beide andere reismogelijkheden naar Ameland is Holwerd, aan de Friese noordkust, het beginpunt. Of beter gezegd de veerdam van Holwerd, die enkele kilometers voorbij het dorpje in het weidse Noord-Friese landschap ligt. Hier is geen drukke en gezellige haven zoals in Harlingen of Den Helder, alleen een enorm parkeerterrein voor degenen die de auto hier achterlaten en als voetganger naar Ameland reizen. Een wat desolate plaats.

Ooit was deze veerdam het beginpunt van een dam die Ameland met het vasteland verbond. Hij werd gebouwd in 1872 maar was geen lang leven beschoren. Na zware stormen in 1882 die delen van de dam wegsloegen gaf men de moed op en werd besloten hem niet meer te repareren. De overblijfselen van de dam zijn bij laagtij nog op het wad zichtbaar.

Klik om te vergroten

< klik op een foto om te vergroten


Als je tegenwoordig te voet naar Ameland wil gaan stap je hier gewoon van de veerdam af en begin je al ploeterend door de zuigende modder van de door rijen palen afgezette landaanwinningsvakken aan de circa drie uur durende oversteek. Uiteraard alleen onder begeleiding van een ervaren gids, want wadlopen op eigen houtje is levensgevaarlijk. Bedenk dat je soms heel vroeg uit de veren zult moeten om de tocht te maken, want er kan alleen bij eb gelopen worden en het tij houdt zich nu eenmaal niet aan kantoortijden. 

Klik om te vergroten

Neem droge kleren mee in een waterdichte rugzak, want er moeten onderweg enkele diepere geulen overgestoken worden waarbij je het niet droog zult houden. Draag lichte, hoog gesloten schoenen die je niet gauw in de zuigende bodem zult verliezen. Bescherm je huid tegen de zon, want je verbrandt hier onwijs snel. Na al deze voorbereidingen ben je helemaal klaar voor die wonderbaarlijke ervaring die 'wadlopen' heet!


Zelf deed ik de tocht naar Ameland in 1996 en het maakte op mij destijds een onvergetelijke indruk. De overweldigende weidsheid van het wad, het bijna onnatuurlijke licht, het gevoel één te zijn met de natuur, het was een unieke ervaring. Ik denk er met heel veel genoegen aan terug terwijl ik nu hier weer op diezelfde plaats sta, ditmaal in afwachting van de aankomst van de veerboot 'Oerd' om de oversteek te maken.

Klik om te vergroten


Klik om te vergroten

Een veerboot waar ik mij trouwens direct op thuis voel, want zij blijkt te zijn gebouwd in 2003 door Scheepswerf Bijlsma (geen familie voor zover bekend) in Wartena, Friesland. Net als overigens haar zusterschip 'Sier', zoals ik bij een eerder bezoek aan Ameland al heb kunnen constateren. De 'Oerd' is nog gloednieuw en tevens een van de laatste schepen die Bijlsma bouwde, want begin 2004 ging de werf helaas failliet. 


Ongeveer drie kwartier na het vertrek van Holwerd legt de veerboot aan bij Nes. Hoewel het bestuurlijk centrum in Ballum is kan Nes toch worden beschouwd als de 'hoofdplaats' van Ameland. Het is er drukker dan in de andere dorpen en hier vind je dan ook de meeste winkels, restaurants en bars met hun gezellige terrasjes, die Nes een levendige aanblik verlenen. Je moet vanaf de veerboot wel ruim een kilometer lopen om er te komen, want Nes ligt niet aan zee. Het is dan ook geen echte havenplaats zoals West-Terschelling of Oudeschild op Texel.

Toch is de band met de zee wel aanwezig want er zijn hier in Nes, net als trouwens in Hollum en Ballum, een aantal fraaie commandeurswoningen te zien. Dat zijn de huizen die de geslaagde Amelander walvisjagers in de zeventiende en de achttiende eeuw lieten bouwen in de karakteristieke bouwstijl, welke we ook terugvinden op de buureilanden Terschelling en Schiermonnikoog. Kenmerkend zijn de horizontale getande randen in het metselwerk van de gevels die de rang van de zeevaarder die het huis bewoonde aangaven (hoe meer randen, hoe hoger de status) en de gevelankers met het bouwjaar van de woning.

Andere bezienswaardigheden in Nes zijn de vrijstaande toren uit 1732 in het oude centrum van het dorp, die oorspronkelijk niet als kerktoren maar als zeebaken was bedoeld, en de neogotische Rooms-Katholieke kerk uit 1878, die gebouwd werd naar een ontwerp van Pierre Cuypers. Deze bekende architect bouwde in de tweede helft van de 19e eeuw niet alleen veel kerken in heel Nederland, maar tekende ook voor het ontwerp van beroemde seculiere bouwwerken zoals het Centraal Station en het Rijksmuseum, beide te Amsterdam. Uit dezelfde tijd is de korenmolen 'Phoenix', die in 1980 als monument door de gemeente werd aangekocht en gerestaureerd en die nu weer graan tot meel maalt waar de bakkers van Ameland hun brood van bakken.

Klik om te vergroten

Klik om te vergroten

Klik om te vergroten

Klik om te vergroten


Zo'n anderhalve kilometer oostelijk van Nes ligt Buren, het kleinste dorp van het eiland. Hier woonden van oudsher vooral boeren en strandjutters. Het is dan ook geen toeval dat we hier het Landbouw- en Juttersmuseum 'Swartwoude' vinden. Op het lommerrijke dorpspleintje staat het beeldje van Rixt van 't Oerd, ook wel Ritskemooi genoemd, de valse strandjutster uit de Amelandse legende (zie hiernaast). Op de terrasjes in het centrum is het goed toeven. Verder heeft Buren niet veel meer te bieden dan rust.

Een kilometer of twee verder naar het oosten ligt het gehucht Kooiplaats, eigenlijk niet meer dan een klein groepje huizen. Daarachter, op de grens van polder en duin, ligt de oude eendenkooi die in 1705 in opdracht van stadhouder Jan Willem Friso van Oranje Nassau, de nieuwe eigenaar van Ameland, werd aangelegd. De Amelandse eendenkooi staat daarom ook wel bekend als de Nassaukooi.

De eendenkooi is een typisch Nederlandse uitvinding uit de 15e eeuw, bedoeld om op een efficiënte manier wilde eenden te vangen voor de consumptie. Rond 1800 waren er meer dan duizend van in Nederland. De kooi bestaat uit een stille, met bomen omzoomde waterplas waarop meerdere doodlopende, met rietmatten afgeschermde en met netten afgedekte zijarmen uitkomen, de zgn. vangpijpen. In de centrale plas werden tamme lokeenden gehouden. Passerende wilde eenden streken neer in de vangplas om te rusten na het foerageren en werden dan door de lokeenden in de vangpijpen gelokt. Op dat moment verscheen de kooiker met zijn hondje die de eenden, die geen kant meer op konden, opjoeg naar de vangkooi aan het eind van de pijp om daar te worden afgemaakt. Op deze manier konden er hier op een topdag wel duizend eenden worden gevangen, die allemaal per schip naar Amsterdam werden afgevoerd.

Tegenwoordig worden er in Nederland geen wilde eenden meer voor commerciële doeleinden gevangen en er zijn daarom nog maar enkele tientallen voorbeelden van dit typische stukje Nederlandse cultuurhistorie over, waaronder dus deze Nassaukooi op Ameland. Omdat voor het vangen van eenden stilte een eerste vereiste was zijn de voormalige eendenkooien vaak serene en wat geheimzinnig aandoende plekken. Dat geldt zeker ook voor de kooi op Ameland, die nu tegen een geringe vergoeding bezichtigd kan worden.

Ritskemooi 



De legende van Rixt van 
't Oerd vertelt hoe zij het noodlot een handje hielp door tijdens stormachtige nachten met haar lantaarn op de duinen van 't Oerd te gaan staan om zo de zeelui te misleiden en hun schip te laten stranden. Zij kreeg haar verdiende loon toen zij op een nacht tussen de wrakstukken van een gestrand schip het dode lichaam van haar zoon Sjoerd vond, die als matroos op zee voer. Sindsdien klink bij storm  haar jammerklacht over 't Oerd als ze roept om haar Sjoe-oe-oe-oerd. 

Klik om te vergroten

Klik om te vergroten

Klik om te vergroten

Klik om te vergroten


Ten oosten van Kooiplaats ligt de kwelder Nieuwlandsrijd, waar geen wegen of paden zijn. Als je verder in oostelijke richting wilt moet je om die kwelder heen via de Kooioerdstuifdijk. Deze werd eind 19e eeuw aangelegd omdat het eiland hier doormidden dreigde te breken. Door de stuifdijk vormden zich aan de Noordzeekant nieuwe duinen en aan de Waddenzeekant de kwelder. Er loopt een prachtig fietspad langs de stuifdijk naar het natuurgebied 't Oerd. Autowegen zijn er niet op dit deel van het eiland.

Hier vinden we het hoogste punt van Ameland, het 24 meter hoge duin met de naam Oerdblinkert. Vanaf de top heb je een schitterend uitzicht op de oostpunt van het eiland, de Waddenzee en het vasteland. Bij helder weer zijn ook de twee vuurtorens van het buureiland Schiermonnikoog duidelijk te zien. Midden in het natuurgebied ligt het gaswinningstation Ameland-Oost van de Nederlandse Aardolie Maatschappij, de NAM.

Klik om te vergroten

Het moet gezegd: de NAM heeft alle moeite gedaan om de installatie zo goed mogelijk in het landschap in te passen. En met succes, want zelfs vanaf het uitzichtplateau op de Oerdblinkert zie je er vrijwel niets van. Rondom het terrein is een kunstmatig duin aangelegd om het aan het oog te onttrekken. De machines zijn speciaal in een kleur geschilderd die niet opvalt in het duinlandschap. Je ziet het station eigenlijk pas als je er vlakbij bent. 


Voorbij 't Oerd ligt De Hôn, vroeger een aparte zandplaat die nu deel van Ameland is en het eiland behoorlijk heeft doen groeien. Het baken dat ooit het meest oostelijke duin markeerde staat nu wel op drie kilometer van de oostpunt. Op de immense zandvlakte zie je her en der kleine heuveltjes, die zijn opgewaaid rondom polletjes helmgras. Je kunt hier als het ware zien hoe duinvorming in zijn werk gaat. 

Klik om te vergroten


Als je vanaf De Hôn langs het strand terugloopt stuit je ter hoogte van Paal 23, vlak bij het oriëntatiebaken, plotseling op een stukje autoweg dat op het eerste gezicht nergens naar toe schijnt te leiden. Nader onderzoek wijst uit dat de weg uitkomt bij het gaswinningstation in de duinen. Omdat er in dit gebied geen wegen zijn kunnen mensen en materiaal alleen over het strand naar het station. Daarom is in 1986 dit stukje weg van het strand naar het station, nauwelijks tweehonderd meter lang, aangelegd.

Het zo kunstig in de duinen weggestopte gaswinningstation vormt een schril contrast met de dominante en detonerende aanwezigheid van de boorplatforms in de Noordzee, die hier op zo'n drie kilometer uit de kust staan. Er waren er al jaren twee, maar kort voor mijn meest recente bezoek aan Ameland is er een derde bijgekomen dat nog groter is dan de andere twee. Dit platform gaat een nieuwe put in het Ameland-Noord gasveld aanboren en zal in het najaar van 2004, als dat klaar is, weer vertrokken zijn. De Amelanders kijken er inmiddels niet meer van op.

Klik om te vergroten


Vanaf 't Oerd is een prachtig fietspad door de duinen aangelegd dat helemaal tot aan Hollum op de westpunt van het eiland loopt, een afstand van ruim twintig kilometer. Tijdens de rit, met zee en strand steeds binnen handbereik, fungeert de rood met wit gestreepte vuurtoren als een markant oriëntatiepunt. Met zijn lichtsterkte van 4,5 miljoen kaars is het trouwens een van de krachtigste vuurtorens ter wereld. Jammer dat de 58 meter hoge gietijzeren toren uit 1881 niet meer beklommen kan worden. Je had er vanaf de bovenste verdieping een schitterend uitzicht over het eiland. Maar de toren moest in 2001 om veiligheidsredenen worden gesloten voor het publiek. Er zijn echter plannen om hem in de nabije toekomst weer open te stellen. 

Hollum is qua inwonertal het grootste dorp op Ameland, maar het is er minder druk dan in Nes. Het dorp heeft veel historische bouwwerken, zoals de Ned. Hervormde kerk (17e eeuw, op fundamenten die deels uit de 11e of de 12e eeuw dateren). Op het bij de kerk behorende kerkhof ligt de eerder vermelde commandeur Hidde Dirksz. Kat begraven. Verder zijn er in Hollum diverse commandeurswoningen te zien, waaronder het oudste huis van Ameland, uit 1615. Het jaartal op de gevel vermeldt "1516", maar dat komt omdat bij een vroegere restauratie de "5" en de "6" zijn verwisseld en men het daarna maar zo gelaten heeft. De huidige bewoonster vertelde me dat de vloeren van het huis niet worden gedragen door balken maar door oude scheepsmasten!

Klik om te vergroten

Klik om te vergroten

Klik om te vergroten

Klik om te vergroten


Even buiten Hollum ligt aan de kust, daar waar de duinenrij eindigt en de Waddendijk begint, het Paardengraf. Het herinnert aan een ongeluk dat in 1979 gebeurde met de door speciaal getrainde paarden gelanceerde reddingboot van Ameland, waarbij alle acht paarden verdronken. Ze liggen hier begraven. Sindsdien is de Amelander paardenreddingboot, de enige ter wereld die er nog was, officieel buiten dienst en vervangen door een moderne boot die bij het reddingstation van Ballumerbocht is gestationeerd. Maar sinds 2000 wordt de oude houten reddingboot maandelijks weer door tien paarden te water gelaten, nu echter alleen nog als toeristische attractie.

Klik om te vergroten

Op de terugweg van je rondje Ameland kom je als vanzelf door Ballum, het bestuurlijk centrum van het eiland. Het is een rustig plaatsje met veel groen, mooie commandeurswoningen en een losse klokkentoren met zadeldak, net als in Nes. Stap hier van je fiets en strijk neer op het terras van Hotel Nobel, aan het mooiste brinkje van het dorp. Hier lijkt de wereld volledig tot rust gekomen en krijgt het woord 'onthaasten' pas echt betekenis.  


Omdat Ballum de 'hoofdplaats' is van Ameland is het misschien wel terecht dat het vliegveld van het eiland juist hier ligt. De officiële (ICAO) benaming is EHAL en het veld heeft 1 grasbaan van 800 meter lang (09-27) en een heliplatform. Je kunt hier parachutespringen of een rondvlucht maken. Het is geen internationaal vliegveld en er is hier geen douane, zodat je alleen naar en van luchthavens in 'Schengen'-landen kunt vliegen.  

Klik om te vergroten


Het laatste stuk van het rondje Ameland fiets je over de Waddendijk van de Ballumerbocht terug naar Nes. Heerlijk als je een stevige westenwind in de rug hebt! Je komt langs het monument voor de dijkwachters, dat is opgericht om hen, die door de eeuwen heen bij nacht en ontij waakten over de dijken en de veiligheid van de eilandbewoners, te eren. Twee stoere kerels in een vliegende storm op de dijk, gekleed in oliejassen en zuidwesters en compleet met lantaarn en reddingslijn, Hollandser kan het nauwelijks!

Het fietspad komt uit op de veerdam bij Nes en zo ben je weer terug op je uitgangspunt. Het is te doen in één dag, zo'n rondje Ameland. Je moet dan wel flink doorfietsen en je hebt niet zoveel tijd voor een uitstapje onderweg. Daarom is het veel beter om niet het hele eiland in één enkele dag rond te racen maar er langer over te doen, een week bijvoorbeeld. Zodat het 'eilandgevoel' een beetje vat op je kan krijgen.

 

Klik om te vergroten

Klik om te vergroten


In de loop van de jaren heb ik Ameland nu vijfmaal bezocht en ik zal er, als het even kan, zeker nog wel een paar keer terugkomen. Want al worden bepaalde dingen nu langzamerhand vertrouwd, je raakt er nooit op uitgekeken. Een strandwandeling in de avond, de stilte van 't Oerd, uitkijken over het wad vanaf de dijk, de lichtbundel van de vuurtoren die over de duinen scheert, het gaat nooit vervelen.

Zou Ameland anders zijn als die dam van 1872 het wél had gehouden en het eiland nu al meer dan honderd jaar aan het vasteland vastgeklonken zou hebben gezeten? Ik denk het wel. Dat typische 'eilandgevoel' komt toch mede voort uit het feit dat je er niet zomaar naar believen op en af kunt rijden, dat je afhankelijk bent van het ritme van de veerdienst en dat je tussen de laatste boot van vandaag en de eerste van morgen zelfs helemaal van het vasteland bent afgesneden.

Gelukkig dus maar dat die dam het niet gehouden heeft en dat alle andere dwaze plannen om de Waddenzee geheel of gedeeltelijk in te polderen en de eilanden met elkaar en met het vasteland te verbinden, plannen die nog tot halverwege de vorige eeuw circuleerden, allemaal niet zijn doorgegaan. Vandaag de dag zijn zulke plannen ondenkbaar geworden en dus zullen wij en zij die na ons komen nog tot in lengte van jaren van Ameland en de andere Waddeneilanden kunnen genieten!

Klik om te vergroten




Meer over Ameland en aanverwante informatie

www.ameland.nl
Officiële website van de Gemeente Ameland. Bevat tevens de website van de VVV Ameland. Ook Engelse en Duitse versie beschikbaar.

www.wadden.nl
Website over het Waddengebied van de gezamenlijke VVV's van de vijf Nederlandse Waddeneilanden.

www.ameland.net
Commerciële website met veel informatie over Ameland.

www.ehal.nl
Website van Ameland Airport Ballum. Ook Engelse versie.

www.kustgids.nl/ameland
Informatie over Ameland van de Kustvereniging EUCC, een Europese organisatie voor verantwoord kustbeheer in Europa.

www.waddenzee.nl
Website van het Projectbureau InterWad met informatie over de Waddenzee. Ook Engelse versie beschikbaar.

cwss.www.de
Website van de Common Wadden Sea Secretariat, een trilateraal samenwerkingsorgaan ter bescherming van het Waddengebied in Nederland, Duitsland en Denemarken. Alleen Engelstalig.

Ameland
Marken
Neeltje Jans
Noordereiland
Noord-Beveland
Pampus
Schiermonnikoog
Schokland
Sint Philipsland
Terschelling
Texel
Tholen
Tiengemeten
Urk
Vlieland
Walcheren
Wieringen
Zuid-Beveland

Help
Links
Gastenboek


juni 2004